Home > Algemeen > Wetsvoorstel wijziging huwelijksgoederengemeenschap: gevolgen voor gemeenschappelijk aangekochte woning vóór het huwelijk
Wetsvoorstel wijziging huwelijksgoederengemeenschap: gevolgen voor gemeenschappelijk aangekochte woning vóór het huwelijk

Wetsvoorstel wijziging huwelijksgoederengemeenschap: gevolgen voor gemeenschappelijk aangekochte woning vóór het huwelijk

In de zomer van 2014 verscheen de eerste versie van het initiatiefwetsvoorstel wijziging huwelijksgoederengemeenschap. Blijkens het initiatiefwetsvoorstel moet een beperkte gemeenschap van goederen de nieuwe standaard worden in plaats van de (algehele) gemeenschap van goederen. Recentelijk is dit initiatiefwetsvoorstel weer op meerdere punten gewijzigd. De wijziging in het initiatiefwetsvoorstel heeft grote gevolgen voor aanstaande echtelieden die bepaalde goederen, bijvoorbeeld een huis, reeds in gemeenschappelijke eigendom hebben. De wijzigingen die besproken worden in dit artikel hebben geen betrekking op reeds bestaande huwelijken.

Het originele initiatiefwetsvoorstel
In het initiatiefwetsvoorstel was de nieuwe beperkte gemeenschap van goederen anders vormgegeven dan in het huidige voorstel. Zo zouden de goederen en schulden die voor het huwelijk reeds bestonden niet in de gemeenschap vallen. Als de echtelieden bepaalde goederen wél gemeenschappelijk wilden maken, zouden zij dit moeten bepalen bij huwelijkse voorwaarden.

Stel dat twee mensen eerst samenwoonden in een huis dat zij in gemeenschappelijke eigendom hadden verkregen, in de verhouding 60/40. Als zij vervolgens in het huwelijksbootje zouden stappen, zou het huis buiten hun nieuwe huwelijksgemeenschap blijven. Als zij het huis toch in de huwelijksgemeenschap wilden betrekken, moesten zij dus huwelijkse voorwaarden opstellen.

Aanpassing
Eind augustus vorig jaar heeft men het initiatiefwetsvoorstel op bepaalde punten gewijzigd. Eén van die wijzigingen ziet op de voor het huwelijk gezamenlijk verkregen goederen. Niet langer zouden deze buiten de gemeenschap blijven, zij zouden voortaan juist wél in de gemeenschap vallen. Als de echtelieden de gezamenlijk verkregen goederen niet in de gemeenschap willen laten vallen, moeten zij dit bepalen bij huwelijkse voorwaarden.

Stel dat er weer twee mensen samenwonen in een huis dat zij in gemeenschappelijke eigendom hebben verkregen, in de verhouding 60/40. Als zij in het huwelijksbootje stappen onder het nieuwe voorstel wordt het huis gemeenschappelijk en veranderen de afgesproken verhoudingen ineens van 60/40 naar 50/50. Als zij de originele verhouding willen behouden en het huis niet in de gemeenschap willen laten vallen zullen zij dit dus moeten bepalen bij huwelijkse voorwaarden.

Conclusie
De initiatiefnemers zijn met deze wijziging 180 graden gedraaid. Waar zij voorheen de bestaande verhoudingen wilden respecteren en een gezamenlijk verkregen huis buiten de huwelijksgoederengemeenschap wilden houden, is men nu van mening dat een gezamenlijk verkregen huis juist wél automatisch moet worden opgeslorpt door de gemeenschap. De gevolgen hiervan zijn groot: het huis valt in de huwelijksgemeenschap en de bestaande verhoudingen veranderen zonder dat daartoe enige nadere instemming vereist is. Wanneer de echtelieden de bestaande verhoudingen willen respecteren zullen zij dit moeten bepalen bij huwelijkse voorwaarden.

Het huidige stelsel kent een wettelijke algehele gemeenschap van goederen, waarvan kan worden afgeweken bij huwelijkse voorwaarden. Het lijkt erop dat er dus niets veranderd. Echter door het wetsvoorstel wordt de indruk gewekt dat er voor het voorhuwelijkse vermogen niets wijzigt, maar het kan dus wel zo zijn dat er ‘ongemerkt’ een vermogensverschuiving plaatsvindt.

Het is nog onzeker of het wetsvoorstel ongewijzigd blijft en vervolgens aangenomen wordt in de Eerste Kamer. Over de ontwikkelingen blijven wij u uiteraard informeren.

  • LinkedIn
  • Facebook
  • Twitter
  • Google Plus
  • del.icio.us
  • email
  • PDF
  • Print
Scroll To Top